Het CDA Zeist heeft schriftelijke vragen gesteld aan het college van B&W over Winter Wonderland Zeist en de kerstmarkt in het centrum. Aanleiding is een bestuurlijke boete die de organisator kreeg opgelegd, terwijl het evenement volgens betrokkenen succesvol is verlopen. De partij wil duidelijkheid over het vergunningstraject, het optreden van handhaving en de gevolgen voor toekomstige edities. Ook vraagt het CDA waarom eerdere signalen richting het college geen vervolg kregen.
Volgens het CDA zijn evenementen als Winter Wonderland en de kerstmarkt van grote waarde voor een bruisend Zeist. Ze trekken bezoekers uit de regio, versterken de lokale economie en zorgen voor ontmoeting tussen inwoners. Juist daarom vindt de partij dat organisatoren moeten kunnen rekenen op duidelijkheid, betrouwbaarheid en een constructieve samenwerking met de gemeente.
De vragen volgen op een uitgebreide brief van organisator Jop Nieuwenhuizen, waarin hij zijn teleurstelling uitspreekt over de gang van zaken. Ondanks complimenten vanuit de gemeente en positieve reacties van ondernemers kreeg hij na afloop een bestuurlijke boete van 1.565 euro. Volgens Nieuwenhuizen heeft hij het evenement volledig zelf moeten financieren en heeft hij daarbij verlies geleden, wat zijn motivatie voor een volgende editie onder druk zet.
Het CDA wil onder meer weten hoe het vergunningstraject is verlopen, hoe de voorbereiding en het contact met handhaving zijn gegaan en welke incidenten zich tijdens het evenement hebben voorgedaan. Ook vraagt de partij waarom signalen die eind december en begin januari zijn afgegeven niet tot actie hebben geleid. Daarnaast wil het CDA dat het college op korte termijn in gesprek gaat met de organisator. Nieuwenhuizen heeft aangegeven dat uiterlijk 16 maart wordt besloten of Winter Wonderland en de kerstmarkt in 2026 doorgang kunnen vinden.










